Wat leert het gesprek tussen Soundos en Bart Schols ons over veiligheidsbeleving?
Een fragment uit de Vlaamse talkshow De Afspraak kreeg de afgelopen week veel aandacht. In het gesprek gaat stand-up comedian Soundos El Ahmadi de discussie aan met de Belgische tv-presentator Bart Schols over de (on)veiligheid van vrouwen in de openbare ruimte. De vraag: zijn vrouwen wel of niet veilig in de openbare ruimte?
El Ahmadi wijst op de cijfers die bekend zijn over onveiligheid en onveiligheidsbeleving van vrouwen, terwijl Schols tegenwerpt dat veel vrouwen die hij kent zich veilig voelen. Het gesprek werpt een interessante blik op het verschil tussen objectieve veiligheid en veiligheidsbeleving. Mick Claessens, adviseur veiligheidsbeleving bij het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV) geeft een korte beschouwing.

Aan tafel stelt Soundos dat vrouwen zich voortdurend moeten aanpassen wanneer zij zich in de openbare ruimte begeven. Ze verwijst daarbij naar cijfers over femicide en ander geweld tegen vrouwen, en benadrukt dat dit geen kwestie is van gevoel, maar van feiten. Wanneer Bart zich afvraagt of dat wel zo is, en aangeeft dat vrouwen in zijn omgeving dit probleem niet zo ervaren, reageert El Ahmadi door te stellen dat zijn gevoel niets afdoet aan de bredere werkelijkheid van heel veel vrouwen.
“Wij vrouwen zijn overal onveilig”
Het gesprek raakt aan een patroon: de ervaringen van mensen die zich onveilig voelen (in dit geval een deel van de vrouwen) worden gebagatelliseerd door ze te spiegelen aan de ervaringen van anderen (in dit geval een ander deel van de vrouwen) die zich wél veilig voelen. Het is een uitgangspunt dat de blik vernauwt en het zicht op de werkelijkheid vertroebelt. De ervaring van een (groot) deel van de vrouwen doet ertoe, ook als die niet door álle vrouwen gedeeld wordt.
In het gesprek aan tafel lopen twee vormen van veiligheid bovendien ongemerkt door elkaar: objectieve veiligheid en subjectieve veiligheid. Het verschil is belangrijk. Objectieve veiligheid gaat over gemeten risico’s, zoals cijfers over slachtofferschap en geregistreerde criminaliteit. Subjectieve veiligheid, ook wel ‘veiligheidsbeleving’ genoemd, gaat over de manier waarop mensen hun eigen veiligheid ervaren.
Objectieve veiligheid en subjectieve veiligheid
Objectieve en subjectieve veiligheid zijn geen twee kanten van dezelfde medaille. Ze kunnen samenvallen, maar dat hoeft niet. Mensen kunnen objectief gezien relatief weinig veiligheidsrisico’s lopen, omdat er in hun buurt nooit een delict plaatsvindt, maar zich daar tóch onveilig voelen.
En andersom kunnen mensen zich veilig voelen in situaties waarin de veiligheidsrisico’s aantoonbaar groter zijn. De vergelijking tussen de twee is interessant, maar het doorgronden van het geheel begint bij het doorgronden van de afzonderlijke delen.
Waarom veiligheidsbeleving ertoe doet
Veiligheidsbeleving is een individuele ervaring. In de basis komt de beleving van veiligheid tot stand door twee processen:
- De inschatting van de dreiging of het risico dat iemand ziet (bijvoorbeeld: ‘Hoe groot is de kans dat ik op straat word aangevallen?’)
- De inschatting van diegene om dat risico het hoofd te bieden (bijvoorbeeld: ‘Kan ik dan met dat risico omgaan of me eraan onttrekken?’).
Bij die laatste inschatting wegen personen, naast hun eigen capaciteiten (in dit specifieke geval bijvoorbeeld spierkracht), ook de hulp en vaardigheden van de omgeving mee (in dit geval bijvoorbeeld de politie of omstanders die hulp kunnen bieden). Mensen voelen zich pas onveilig als de inschatting van de risico’s groter is dan hun inschatting om die, al dan niet met hulp van de omgeving, het hoofd te bieden.

Maar stel nu: er is nauwelijks sprake van een objectieve onveiligheid, maar mensen voelen zich wel onveilig. Hoe belangrijk is dat dan? Het korte antwoord is: heel belangrijk. Wie op een professionele manier naar veiligheidsbeleving kijkt, doet dat op een niet-oordelende manier, vanuit de wens om te begrijpen hoe de ervaring van de ander eruitziet. Alleen op die manier kun je achterhalen hoe die beleving zich heeft gevormd. Pas daarna kun je bekijken hoe die beleving mogelijk beïnvloed kan worden.
Veiligheidsbeleving verschilt per persoon
Iemand kan zich in de buurt heel onveilig voelen, terwijl daar objectief geen aanleiding voor lijkt te bestaan, bijvoobeeld omdat er nooit delicten plaatsvinden in die specifieke buurt. De veiligheidsbeleving van die persoon neemt dan waarschijnlijk niet toe door te wijzen op het objectieve risico: ‘je hoeft je niet onveilig te voelen, er gebeurt hier nooit wat!’
De kans is groot dat er iets anders speelt. Wat dat is? Dat moet je proberen te achterhalen. Op basis van je analyse blijkt welke interventie kansrijk is: het veranderen van de fysieke omgeving, het faciliteren van onderling contact of het aanpassen van de sociale norm ten aanzien van specifiek gedrag.
Invloed op gedrag
Een samenleving waarin mensen zich veilig voelen is belangrijk, want onveiligheidsgevoelens hebben invloed op gedrag. Als mensen zich onveilig voelen, kunnen ze daar in de eerste plaats individueel last van hebben, aangezien het ervaren van onveiligheid gepaard gaat met emoties als angst. Mensen kunnen er bovendien vermijdingsgedrag door gaan vertonen. In de veiligheidsmonitor van het CBS stond dat 45% van de vrouwen van 15 tot 25 jaar omfietsen of lopen om plekken die ze onveilig vinden te vermijden.
Tegelijkertijd kunnen onveiligheidsgevoelens ook maatschappelijke gevolgen hebben, zoals wantrouwen in de overheid of minder sociale cohesie. Dat kan weer zijn weerslag hebben op de objectieve veiligheid.
“If men define situations as real, they are real in their consequences”, zei de socioloog William Thomas ooit. Het maakt haarfijn duidelijk waarom het belangrijk is om aandacht te hebben voor de veiligheidsbeleving van mensen: de ervaring en interpretatie van de werkelijkheid leiden tot gedrag en schept daarmee diezelfde werkelijkheid.
Vrouwen voelen zich structureel onveiliger dan mannen
Dan terug naar de veiligheidsbeleving van vrouwen. Voelt een groot deel van de Nederlandse vrouwen zich daadwerkelijk onveilig? Daarop is het antwoord even simpel als verontrustend: ja. Er bestaan al jarenlang structurele verschillen tussen mannen en vrouwen als het gaat om veiligheidsbeleving. En die verschillen zijn groot.
Uit de Veiligheidsmonitor (2023), het tweejaarlijkse onderzoek dat door het ministerie van Justitie en Veiligheid en het CBS wordt uitgevoerd, blijkt dat 34,9% van de Nederlanders zich in het algemeen weleens onveilig voelt. Maar achter dit gemiddelde gaan grote verschillen schuil. Vrouwen voelen zich aanzienlijk vaker onveilig dan mannen: 44,1% van de vrouwen voelt zich weleens onveilig, tegenover 25,5% van de mannen.
En die kloof wordt nog groter wanneer je naar leeftijd kijkt. Vooral jonge vrouwen ervaren veel onveiligheid: 61,2% van de vrouwen tussen 15 en 25 jaar voelt zich weleens onveilig, en 52,8% van de vrouwen tussen 25 en 35 jaar. Ter vergelijk: bij mannen komt het aandeel dat zich weleens onveilig voelt in geen enkele leeftijdscategorie boven de 30% uit.
Feiten én beleving serieus nemen
Cijfers over subjectieve ervaringen bevestigen dus het beeld dat El Ahmadi schetste: vrouwen voelen zich structureel onveiliger dan mannen. De vraag of vrouwen objectief onveiliger zijn dan mannen is iets moeilijker te beantwoorden en hangt af van de focus die je kiest.
Het staat echter buiten kijf dat vrouwen, bijvoorbeeld als het gaat om seksuele delicten of seksueel grensoverschrijdend gedrag, veel vaker slachtoffer worden dan mannen (Prevalentiemonitor huiselijk geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag, 2022). Dat heeft ontegenzeggelijk invloed op de veiligheidsbeleving van vrouwen. Maar ondanks het belang daarvan zijn de onveiligheidsgevoelens van vrouwen op zichzelf al belangrijk genoeg om aandacht voor te hebben. Ook als de objectieve cijfers iets anders zouden zeggen.

Het gesprek tussen El Ahmadi en Schols was nuttig. Het maakte een pijnpunt duidelijk: bij veiligheid gaat het niet alleen over hoe veilig een samenleving objectief ís, maar ook over hoe veilig een samenleving voelt voor de verschillende mensen die er deel van uitmaken. Laat het gesprek tussen Schols en El Ahmadi vooral een (hernieuwde) aanleiding zijn om het gesprek hierover te blijven voeren.
Vrouwen zijn vaker slachtoffer van seksueel delict”
Iedereen heeft daarin een belangrijke rol, los van gender. Want laten we niet vergeten dat er ook mannen of mensen met een andere genderidentiteit zijn die zich onveilig voelen. Ook hun veiligheidsbeleving doet ertoe. Onveiligheidsgevoelens mogen er zijn en hoeven niet te worden weggewuifd of weerlegd. Stel iemand in je omgeving de komende week eens de vraag: hoe veilig voel jij je? En vraag vervolgens ‘hoe het komt’ dat diegene zich zo voelt? Misschien volgt dan wel een gesprek waarmee we elkaar beter kunnen begrijpen. Het zou een mooie eerste stap zijn.
In het webinar ‘Inclusief kijken naar de veiligheidsbeleving in jouw gemeente’ werd al expliciet aandacht aandacht besteed de veiligheidsbeleving van vrouwen en meiden. CCV-adviseur Mick Claessens ging tijdens het webinar in gesprek met experts Djoeke Ardon (Movisie) en Krista Schram (Hogeschool Inholland) over hoe genderverschillen en andere factoren invloed hebben op veiligheidsbeleving in de openbare ruimte.
Samen verkenden ze hoe gemeenten en partners met een inclusieve blik kunnen werken aan een samenleving waarin iedereen zich veilig voelt. Ze identificeerden zeven factoren die de veiligheidsbeleving van vrouwen en meiden beïnvloeden. In deze infographic vind je er meer informatie over.