Secondant: geweld op Pride dwingt tot een ongemakkelijke vraag
De beelden uit Berlijn laten weinig aan de verbeelding over. Wat begon als een viering van zichtbaarheid en vrijheid, eindigde opnieuw in intimidatie, bedreigingen en geweld tegen LHBTIQ+-personen.
Zulke incidenten zijn geen losse uitwassen, maar confronteren het veiligheidsdomein met een hardnekkige realiteit: sociale veiligheid staat onder druk, juist op plekken waar mensen zichzelf zouden moeten kunnen zijn.
Meer dan zichtbare incidenten
Het recente geweld voedt de maatschappelijke discussie over de bescherming van seksuele en genderdiversiteit. Daarbij gaat de aandacht vaak uit naar de zichtbare incidenten op straat, terwijl minder zichtbare vormen van onderdrukking minstens zo ingrijpend kunnen zijn.
Professionals in zorg, veiligheid en bestuur, worden steeds vaker geconfronteerd met situaties waarin sociale druk, religieuze overtuigingen en individuele autonomie met elkaar botsen. Dat roept de vraag op waar de grens ligt tussen het uitdragen van een overtuiging en het uitoefenen van schadelijke invloed.
De discussie over het conversieverbod
Die vraag stellen hoogleraar Janine Janssen en hoogdocent Mirjam van Schaik centraal in hun opiniestuk voor Secondant over het conversieverbod, homogenezing in de volksmond. Daarin zegt Janssen dat een conversieverbod niet is gericht op het strafbaar maken van religieuze opvattingen of pastorale gesprekken, maar op praktijken waarbij mensen onder psychische druk worden gezet om hun seksuele gerichtheid of genderidentiteit te veranderen of te onderdrukken. De kern van het debat is daarmee niet de inhoud van een overtuiging, maar de manier waarop die wordt ingezet: wanneer overtuigen overgaat in dwang, manipulatie of afhankelijkheid, verschuift de discussie van grondrechten naar sociale veiligheid en bescherming tegen psychisch geweld.
Aandacht voor minder zichtbare vormen
Juist in een tijd waarin geweld tegen LHBTIQ+-personen opnieuw zichtbaar escaleert, is die bredere vraag urgenter dan ooit. Want als de samenleving geweld op straat veroordeelt, hoe moet zij dan omgaan met minder zichtbare vormen van onderdrukking achter voordeuren, in geloofsgemeenschappen of binnen afhankelijkheidsrelaties? Dat debat is nog lang niet beslecht. Sterker, het zal de komende tijd alleen maar aan scherpte winnen.