Ga naar de inhoud

Q3: landelijke visie wijk-GGD krijgt steeds meer vorm

handen op elkaar - illustratief beeld voor samenwerken

De landelijke visie op de wijk-GGD krijgt steeds meer vorm. In het derde kwartaal zijn de resultaten van de landelijke enquête vertaald naar concrete bouwstenen. Ook zijn nieuwe verbindingen gelegd met landelijke partners en werkte de landelijke projectgroep verder aan een gezamenlijke basis.

Resultaten enquête in factsheet gebundeld

De resultaten van de landelijke enquête onder wijk-GGD’ers, bemoeizorgers en beleidsmedewerkers zijn gepubliceerd in de factsheet Bouwstenen landelijke positionering wijk-GGD.

De enquête laat zien wat wijk-GGD’ers met elkaar gemeen hebben en op welke punten meer landelijke duidelijkheid nodig is. De resultaten vormen een belangrijke basis voor de landelijke visie op de wijk-GGD.

Duidelijker wat het Landelijk Coördinatiepunt doet

Ook is een factsheet gemaakt over het Landelijk Coördinatiepunt wijk-GGD. Deze maakt duidelijk wat het coördinatiepunt doet en waarvoor partners bij het coördinatiepunt terechtkunnen.

Het coördinatiepunt:

  • bundelt kennis en ervaringen uit de praktijk;
  • ondersteunt gemeenten bij de inrichting en verdere ontwikkeling van de wijk-GGD;
  • verbindt lokale signalen met landelijke ontwikkelingen.

Daarnaast werkt het Landelijk Coördinatiepunt onder meer aan een landelijke visie, handreikingen, praktijkvoorbeelden, leer- en intervisiebijeenkomsten en advies op maat.

Wijk-GGD in Binnenlands Bestuur

In juli werkte het Landelijk Coördinatiepunt mee aan een interview met Binnenlands Bestuur. Daarin staat de verbindende rol van de wijk-GGD tussen zorg en veiligheid centraal.

Het artikel gaat ook in op de verschillende manieren waarop gemeenten de wijk-GGD organiseren, de samenwerking met politie en zorgpartners en de behoefte aan meer duidelijkheid over de landelijke positionering van de wijk-GGD. Het interview helpt om de wijk-GGD ook buiten het bestaande netwerk beter onder de aandacht te brengen en zichtbaar te maken waarom juist de verbinding tussen het zorg- en veiligheidsdomein van belang is.

Basis gelegd voor landelijke visie

De resultaten van de enquête zijn verder uitgewerkt in een werknotitie. Deze vormt de inhoudelijke basis voor de landelijke visie.

Daarbij staat één vraag centraal: wat moet overal in Nederland herkenbaar zijn aan de wijk-GGD en waar moet ruimte blijven voor lokale keuzes?

Onderwerpen die daarbij belangrijk zijn, zijn onder meer:

  • de verbinding tussen zorg, sociaal domein en veiligheid;
  • mandaat en positionering;
  • preventief en outreachend werken;
  • samenwerking met partners;
  • minimale voorwaarden om het werk goed te kunnen doen.

Verbinding tussen wijk-GGD en bemoeizorg

Op 7 juli presenteerde het Landelijk Coördinatiepunt de uitkomsten bij het ministerie van VWS. Ook de VNG en de Nederlandse ggz waren daarbij aanwezig.

Het gesprek ging over de verbinding tussen de wijk-GGD en bemoeizorg. Daarbij bracht het coördinatiepunt nadrukkelijk het perspectief van veiligheid in. Bij de wijk-GGD komen zorg en veiligheid samen, terwijl de gesprekken over bemoeizorg vanuit VWS vooral vanuit het zorgperspectief worden gevoerd. Uit de landelijke enquête blijkt dat respondenten wijk-GGD en bemoeizorg vooral zien als functies die elkaar aanvullen.

Op 29 september sluit het Landelijk Coördinatiepunt aan bij een vervolgsessie om de verbinding tussen wijk-GGD en bemoeizorg verder te versterken.

Nieuwe verbinding met de OGGZ

Op 17 september presenteerde het Landelijk Coördinatiepunt zijn werk aan de vakgroep OGGZ van GGD GHOR Nederland.

Beide netwerken bespraken waar hun werk elkaar raakt en hoe zij elkaar kunnen versterken. Een vertegenwoordiger van de OGGZ-vakgroep sluit voortaan aan bij de landelijke projectgroep wijk-GGD. Zo wordt deze expertise structureel meegenomen bij de verdere ontwikkeling van de landelijke visie.

Projectgroep werkt verder aan gezamenlijke basis

In september kwam de landelijke projectgroep voor de derde keer bijeen, ditmaal bij Movisie in Utrecht.

De deelnemers bespraken onder meer de maatschappelijke opdracht, de belangrijkste functies en de kenmerken van de wijk-GGD. Ook keken zij naar de minimale voorwaarden die overal nodig zijn, ongeacht hoe gemeenten de wijk-GGD lokaal organiseren.

Een belangrijke vraag blijft: waar is landelijke richting nodig en waar moet ruimte blijven voor lokaal maatwerk?

De opbrengsten worden verwerkt in de volgende stap naar een conceptvisie.

Advies aan gemeenten blijft belangrijk

Naast het landelijke traject blijft het Landelijk Coördinatiepunt beschikbaar voor vragen van gemeenten en samenwerkingspartners.

Ook dit kwartaal kwamen vragen binnen over de inrichting, positionering en samenwerking rond de wijk-GGD. Soms helpt het coördinatiepunt vooral door partijen met elkaar in contact te brengen. Zo ondersteunden we de politie in Noord-Nederland bij het leggen van contact met wijk-GGD’ers in de regio. Juist door dit soort vragen en signalen uit de praktijk landelijk bij elkaar te brengen, kunnen ervaringen worden gedeeld en hoeven organisaties niet ieder afzonderlijk dezelfde zoektocht te doorlopen. Dat sluit aan bij de kern van het Landelijk Coördinatiepunt: lokale kennis verbinden en beschikbaar maken voor anderen.

Vervolg

De komende periode werken we de werknotitie en de opbrengsten van de landelijke projectgroep verder uit tot een conceptvisie op de wijk-GGD.

Ook gaan de gesprekken met landelijke partners verder, onder meer over de verbinding tussen wijk-GGD en bemoeizorg.