Veilig buitengebied – gemeente Bronckhorst
Laatst gewijzigd op: 20-04-2026Bij dit project staat verbinding en samenwerking tussen alle betrokken partijen centraal.
Een nieuwe wijkagent in de uitgestrekte buitengebieden van de gemeente Bronckhorst in de Achterhoek leidde uiteindelijk tot de aanpak Veilig Buitengebied. Daarbij staat verbinding en samenwerking tussen alle betrokken partijen centraal. Projectleider Paul van der Weiden van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (het CCV) en toenmalig wijkagent Fons Bouwmeister over de aanpak.
Ontstaan Veilig buitengebied
In 2016 werd Fons Bouwmeister wijkagent in een deel van de buitengebieden van de gemeente Bronckhorst in de Achterhoek. Qua oppervlakte één van de grotere gemeenten van Nederland, een uitgestrekt gebied met weinig bebouwing en veel landbouw. Hij probeerde voor zijn nieuwe baan informatie te vergaren over het gebied maar liep er tegenaan dat er weinig bekend was.
“Bouwmeister kende mij van een eerdere samenwerking rondom het Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO) en benaderde mij of we hem konden ondersteunen bij het beter in kaart brengen van het gebied. Na toestemming van de gemeente zijn we samen een project gestart”, aldus Van der Weiden.

Bouwmeister vult aan: “Het is belangrijk voor een wijkagent om het gebied en de lokale netwerkpartners te kennen. Er speelt vaak van alles wat niet direct bij de politie terecht komt, maar wel relevant is.” Het nieuwe werkgebied in Brockhorst waar hij zes jaar geleden startte, was groot en het was volgens hem mede daardoor lastig om een netwerk op te bouwen.
“Met Paul had ik samengewerkt rondom het KVO en ik benaderde hem met de vraag waarom er geen vergelijkbare aanpak voor het buitengebied bestond en of het niet een goed idee was om dat op te zetten. Zo is het balletje gaan rollen.”
Aanpak: publiek-private samenwerking en verbinding
Er werd begonnen met het in kaart brengen en benaderen van alle betrokkenen in het gebied. Denk aan gemeente, politie en brandweer, maar ook de lokale afdeling van de Land- en Tuinbouw Organisatie (LTO), het waterschap, omgevingsdiensten en de zogenoemde ‘groene partijen’, zoals boswachters, natuurorganisaties en jagers. Kortom, een mix van uiteenlopende partijen die elk een rol spelen in het gebied.
De CCV-projectleider: “Dat geeft direct aan hoe complex het is om relevante gegevens te verzamelen. Ook zetten we een enquête uit onder ondernemers en bewoners.” Bewoners zien misschien wel zaken gebeuren, maar herkennen het niet altijd als mogelijke criminele activiteiten. Denk aan een adres waar op een ongebruikelijk tijdstip mensen in- en uitlopen. Dat is niet iets wat je meteen meldt bij een wijkagent, maar voor de politie wel waardevolle informatie kan zijn.

Verder werd bekeken welke meldingen door de groene partijen en waterschappen op het gebied van de openbare ruimte zijn gedaan. Daarbij viel al snel op dat sprake was van dumpingen van bijvoorbeeld afval van hennepkwekerijen die niet in het politiesysteem stonden. De CCV-projectleider: “Dat liet zien dat er weinig verbindingen waren tussen alle verschillende partijen in het gebied.”
De eerste acties die vanuit deze publiek-private samenwerking op touw werd gezet, waren gericht op een schoon, heel en veilig gebied. Bijvoorbeeld door het opruimen van rommellocaties, onkruid verwijderen van onveilige kruispunten of het aanpakken van criminele activiteiten. “Ook hebben we een zogenoemd ‘groenoverleg’ opgezet met politie, groene partijen en de gemeente en organiseerden we ‘groene nachten’ waarin we gezamenlijk op pad gingen.”
Er werd gestart met een pilot in de dorpen Hengelo en Vorden die al snel werd uitgebreid met andere dorpen uit de gemeente Bronckhorst. Bouwmeister: “Eén van de uitdagingen was de leegstand in het gebied.” Daarom werden cijfers opgevraagd bij de gemeente van leegstaande stallen en zijn één voor één alle adressen afgegaan, samen met een ambtenaar van de gemeente. “Het voordeel daarvan is dat je samen vanuit verschillende bevoegdheden en brillen naar een situatie kijkt.”

Het gevaar is volgens Van der Weiden wel dat je kan stuiten op een adres met een drugslaboratorium en gewapende criminelen. “Daarom hebben we vooraf alle adressen eerst even door de systemen gehaald. Kwam daar bijvoorbeeld uit dat er meldingen waren van komen en gaan van vreemde voertuigen, dan konden we vooraf preventieve maatregelen nemen.”
Rol coördinator bij Veilig Buitengebied
De rol van Van der Weiden als coördinator van Veilig Buitengebied was het begeleiden van het proces en ontwikkelen van zaken waarvan je denkt dat het nuttig kan zijn voor het gebied. “Ik kom van origine uit de groene wereld, heb onder andere een bosbouwopleiding gevolgd, en kan me daardoor ook goed inleven in de medewerkers van deze organisaties.”
Zij liepen tegen allerlei zaken aan, maar hadden geen goede verbinding met de politie en stonden er daardoor voor hun gevoel vaak alleen voor. Hetzelfde gold voor bewoners en ondernemers in het gebied, die daardoor steeds minder vertrouwen kregen in de overheid. De coördinator: “Om dat weg te nemen, pleitte ik voor meer zichtbaarheid en verbinding.”
Er werden bijvoorbeeld voorlichtingsavonden georganiseerd, waardoor de partijen elkaar beter leerden begrijpen en bewoners dingen herkenden. “Je hebt aanjagers nodig om dit alles op de agenda te houden. Want als het goed gaat, gaan mensen van nature achteroverleunen. Dan moet iemand iedereen scherp houden. Dat is onder andere mijn rol, samen met andere adviseurs binnen het CCV.”
Bron: Ondermijning in de wijk – 10 inspirerende aanpakken (Platform31 en het CCV, 2022)
Resultaten: meer gemeenten doen mee met Veilig Buitengebied
“Dat de aanpak een succes is blijkt onder andere uit het feit dat steeds meer gemeenten met buitengebieden deze werkwijze willen opzetten om meer verbinding te stimuleren”, aldus Van der Weiden Ook landelijk is er volgens hem in het kader van ondermijning meer oog voor deze aanpak. Alle gemeenten in de Achterhoek zijn inmiddels ingestapt in dit traject.

In de provincie Gelderland wil men naar een dekking van 80 procent voor gemeenten met een buitengebied. De verbinding tussen alle partijen die wonen, werken of actief zijn in het gebied is verbeterd. Daardoor kan er sneller worden opgetreden na bijvoorbeeld een melding. Ook worden er regelmatig groene nachten georganiseerd. De samenwerking is ook in het belang van andere betrokkenen: er is bijvoorbeeld minder rommel in het gebied, waardoor er minder opgeruimd hoeft te worden en de kosten lager zijn.
De voorlichtingsavonden voor bewoners en ondernemers in het gebied hebben positief uitgepakt, wat bleek door de toename van het aantal meldingen. “Er wordt bewuster gekeken naar activiteiten in dit enorm uitgestrekte buitengebied. Ook is er nu een betere samenwerking tussen groen, lichtblauw en blauw”, zegt de CCV-adviseur
Een mooi voorbeeld van de kracht van de samenwerking vond Bouwmeester toen hij tijdens een ‘groene nacht’ in een politieauto zat met een ambtenaar openbare orde & veiligheid. Op haar verzoek gingen ze kijken bij een oude manege en zagen daar net een auto wegrijden. De inzittenden hadden eerder problemen gehad met drugs. “In de wagen vonden we gasmaskers. In de manege troffen we vervolgens een verborgen drugslab aan. Dat vond ik echt top, dat we zoiets ontdekten na een signaal van de ambtenaar en een gezamenlijke controle.”
Succesfactoren Veilig Buitengebied
Volgens Van der Weiden valt of staat het succes van Veilig Buitengebied met mensen die bereid zijn om hun schouders eronder te zetten. Ook is volgens hem doorzettingsvermogen belangrijk voor alle betrokken partijen. “Je hebt veel ogen nodig in zo’n groot gebied. Als je die allemaal weet te mobiliseren, is dat enorm van belang.”

Denk aan jagers, die bezig zijn met wildverzorging enondertussen zien dat een boerderij die niet floreert veel bezoek krijgt van vreemden. “Doordat partijen zich bewust zijn van mogelijke signalen en in goede verbinding staan met andere diensten zoals de politie en gezamenlijk optrekken, wordt het mogelijk om criminele activiteiten een halt toe te roepen.”
Knelpunten Veilig Buitengebied
Een knelpunt voor Veilig Buitengebied is dat betrokken partijen soms te weinig mankracht hebben. Als een gemeente 1 fte heeft op het gebied van openbare veiligheid, dan is het zaak om de beschikbare tijd slim in te delen.
Ook zie je dat alle partijen ondanks de nauwe samenwerking hun eigen belangen hebben. Zo veranderden de ‘groene nachten’ al snel in ‘blauwe nachten’, waarbij met name politieacties centraal stonden. De groene partijen vonden dat zaken als het aanpakken van stroperij en illegale visserij daardoor onderbelicht raakten.
Alle partijen in het gebied hebben hun eigen belang. Het is belangrijk om dan ook continu het gezamenlijke doel voor ogen te houden. Bouwmeester: “Toen we deze pilot startten, hield ik een presentatie waar alle burgemeesters uit het gebied bij waren. Ik heb toen aangegeven er direct mee te stoppen als het een praatgroepje zou worden.”
Het gezamenlijke doel is volgens hem het zorgen voor de veiligheid van burgers in het buitengebied en natuurlijk zit er altijd een bepaald spanningsveld rondom zo’n samenwerking. “Als een groene boa heel graag iets wil doen aan stroperij tijdens een groene nacht is dat heel begrijpelijk, maar je gaat uiteindelijk samen op pad om de criminaliteit in het gebied aan te pakken. Dan kunnen er op zo’n avond ook andere prioriteiten zijn.”
Toekomst Veilig Buitengebied
Veilig Buitengebied is volgens Van der Weiden is een proces en geen project. Dat betekent dat alle partijen ermee bezig blijven. Inmiddels is er in Bronckhorst een werkgroep die vier keer bijeen komt om de stand van zaken en voortgang te monitoren. Het voorzitterschap wordt ingenomen door de LTO-organisatie en de gemeente voert het secretariaat.
“Er zijn nieuwe problemen ontstaan in het gebied. Zo zijn er mede door de stikstofproblematiek verschillende boeren in het gebied die stoppen met hun bedrijf. Voor de politie is daar meer werk uitgekomen. De hennepteelt en xtc- en crystal methlabs zijn toegenomen en het aantal meldingen neemt toe.”
Het is een traject waarbij je je steeds moet afvragen wat er op dat moment kwetsbaar is en waar je je aandacht aan moet besteden. En hoe je dat vervolgens gezamenlijk doet, hoe je al die verschillende belangen bundelt tot één gezamenlijk doel. Bouwmeester: “Ik ben inmiddels geen wijkagent meer in dit gebied enik hoop dat mijn opvolgers kunnen oogsten wat wij er hebben gezaaid.”
Bron: Ondermijning in de wijk – 10 inspirerende aanpakken (Platform31 en het CCV, 2022)
Meer informatie
- Gebiedsgerichte aanpak buitengebied (Platform Veilig Ondernemen)