Ga naar de inhoud

Stadionverbod na extreem geweld na voetbalwedstrijd

Laatst gewijzigd op: 29-06-2026

Wanneer de gemeente en de KNVB een stadion- en/of omgevingsverbod opleggen, kan de rechter ervoor kiezen dit niet ook nog als bijzondere voorwaarde op te leggen. 

Weegschaal met hamer.

Datum uitspraak

28-01-2026 

Kenmerken  

  • Openbaar Ministerie 
  • Rechterlijke macht 
  • Wijk 
  • Stadion 
  • Voetbalgerelateerde overlast 
  • Geweldpleging 
  • Locatieverbod 
  • Stadionverbod 

Wat was de overtreding? 

Betrokkene wordt verdacht van openlijke geweldpleging, gepleegd in vereniging, tegen onder meer de politie. Hij zou daarbij stenen en stoeptegels hebben gegooid richting de ME, de aanhoudingseenheid, de politie, en de politiepaarden. Daarnaast zou verdachte een fietsenrek op de openbare weg hebben geplaatst, waardoor het rijden op de aan- en afvoerwegen werd belemmerd. 

Wat eist de officier van justitie? 

De politierechter heeft de verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar. Ook krijgt hij een taakstraf van 200 uur opgelegd. Aan de voorwaardelijke gevangenisstraf zijn twee bijzondere voorwaarden verbonden, namelijk een stadion- en locatieverbod. De verdachte stelt hoger beroep in tegen dit vonnis. De officier van justitie vordert in hoger beroep dezelfde straf minus de bijzondere voorwaarden die zijn opgelegd. 

Wat besloot de rechter? 

De rechter moet beoordelen of de bijdrage van verdachte aan het geweld voldoende is om ‘geweldpleging in vereniging’ te kunnen bewijzen. Het hof oordeelt dat hier sprake van is. Op beelden is te zien dat veel supporters in het zwart gekleed waren en gezichtsbedekking droegen.

Ook zijn agressieve en beledigende spreekkoren te horen. Ook is te zien dat de verdachte een fietsenrek versleept en dit op de rijbaan, vlak bij een rotonde, achterlaat. Hiermee belemmerde de verdachte dat de supportersbussen, maar ook politievoertuigen, gebruik konden maken van de rotonde. Verdachte heeft bovendien verklaard dat hij zag dat mensen met stenen gooiden.  

Het hof oordeelt dat sprake was van een sfeer van ontremming. Het gedrag van de ene supporter bevorderde het gedrag van de andere supporter, waardoor het geweld escaleerde en bleef voortduren.

Ook het gedrag van de verdachte valt daar volgens het hof onder en droeg bij aan de openlijke geweldpleging. De verdachte heeft zich laten meeslepen en hield met zijn gedrag de sfeer in stand. Volgens het hof is sprake geweest van nauwe en bewuste samenwerking bij het plegen van gewelddadigheden op de openbare weg. 

Verder geeft het hof aan dat het extreme geweld een enorme impact heeft gehad op de politiemensen. Dat weegt het hof mee in strafverzwarende zin. Dat het gedrag van verdachte ook een enorme impact heeft op de mensen die hier ongewild en ongewenst getuige van zijn geweest, lijkt verdachte niet in te zien.

Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van twee maanden. De gevangenisstraf zal niet ten uitvoer worden gelegd, tenzij de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van twee jaar aan een strafbaar feit schuldig maakt. Ook krijgt de verdachte een taakstraf van 200 uur opgelegd. 

De bijzondere voorwaarden die aan de voorwaardelijke straf waren gekoppeld, worden in hoger beroep niet opgelegd, omdat de gemeente en de KNVB al een stadion- en stadiongebiedsverbod hebben opgelegd. 

Wat kunnen we van deze uitspraak leren? 

Wanneer de gemeente en de KNVB een stadion- en/of omgevingsverbod opleggen, kan de rechter ervoor kiezen dit niet ook nog als bijzondere voorwaarde op te leggen. 

Meer informatie over deze zaak: ECLI:NL:GHARL:2026:486