Ga naar de inhoud

Last onder dwangsom vanwege het vervoeren van inbrekerswerktuigen

Laatst gewijzigd op: 01-07-2026

Er is een verschil tussen de bewijsstandaarden aantonen en aannemelijk maken. Volgens vaste rechtspraak is aannemelijk maken dat de overtreding heeft plaatsgevonden als bewijsstandaard voldoende bij het opleggen van een herstelsanctie. Bij een punitieve sanctie ligt de bewijsstandaard hoger, en moet het bestuursorgaan de overtreding aantonen. 

Weegschaal met hamer.

Datum uitspraak

11-09-2025 

Kenmerken

  • Gemeente 
  • Openbaar Ministerie 
  • Rechterlijke macht 
  • Inbraak/vervoeren inbrekerswerktuigen 
  • Last onder dwangsom 
  • Taakstraf 

Wat was de overtreding? 

Mevrouw wordt na een melding van een getuige aangetroffen op een bouwterrein terwijl zij samen met medeverdachte X steigeronderdelen in een bestelbus aan het laden is. Mevrouw probeert te vluchten, maar wordt alsnog aangehouden. In haar tasje worden een stanleymes en een zaklamp aangetroffen; de bestelbus ligt vol met inbrekerswerktuigen. De ketting van het hekwerk dat om de bouwplaats staat, is doorgeknipt. 

Welke maatregel werd opgelegd? 

Mevrouw wordt door de strafrechter veroordeeld voor het medeplegen van diefstal. Zij krijgt een taakstraf opgelegd van 60 uur. De burgemeester van Utrecht legt een last onder dwangsom op. De dwangsom bedraagt € 2.500 per geconstateerde overtreding met een maximum van € 10.000. De last bestaat eruit dat mevrouw geen inbrekerswerktuigen mag vervoeren binnen de gemeentegrenzen van de gemeente Utrecht. 

Mevrouw is het hiermee niet eens. Zij zegt dat een stanleymes en zaklamp geen inbrekerswerktuigen zijn. Ook is de bestelbus niet van haar, noch zijn de daarin aangetroffen goederen van haar. Ook was het hek al door medeverdachte X opengeknipt toen zij aankwam. Met verwijzing naar twee uitspraken stelt mevrouw dat de burgemeester bovendien moet aantonen dat de overtreding daadwerkelijk heeft plaatsgevonden, het slechts aannemelijk maken is volgens haar niet voldoende. 

Wat besloot de rechter? 

De rechter oordeelt dat voor wat betreft de goederen het niet uitsluitend gaat om de goederen die mevrouw op haar lijf meedroeg. Gekeken moet worden naar het geheel van omstandigheden. In het busje waarmee zij naar het terrein kwam, zijn goederen aangetroffen die naar hun aard, het tijdsstip, en de locatie van aantreffen wel degelijk als inbrekerswerktuigen in de zin van de APV kunnen worden aangemerkt.

Verder heeft de burgemeester van belang mogen achten dat uit de bestuurlijke rapportage blijkt dat mevrouw op het bouwterrein was met als doel om steigeronderdelen weg te nemen en deze later te verkopen. In tegenstelling tot wat mevrouw zegt, is als bewijsstandaard voldoende dat de burgemeester aannemelijk maakt dat de overtreding heeft plaatsgevonden. In de uitspraken waar zij naar verwijst en waarbij sprake is van aantonen, legt de burgemeester een punitieve sanctie op.

De last onder dwangsom daarentegen betreft een herstelsanctie. De rechter zegt dat volgens vaste rechtspraak de burgemeester bij het opleggen van een herstelsanctie aannemelijk moet kunnen maken dat de overtreding heeft plaatsgevonden. Aantonen is niet vereist. Daarnaast is mevrouw strafrechtelijk al veroordeeld voor medeplegen van diefstal. Cumulatie van een strafrechtelijke sanctie met een (bestuursrechtelijke) herstelsancties is toegestaan, omdat zij een ander doel dienen.  

Voor wat betreft de hoogte van de dwangsom zegt de rechter dat het belangrijk is dat daar een prikkel vanuit gaat, afgestemd op het financiële voordeel dat iemand heeft met de overtreding. Niet de draagkracht, maar het effect van de maatregel is bepalend bij het vaststellen van de hoogte. Dat mevrouw een GHB-verslaving heeft en een beperkte financiële situatie, heeft zij niet nader onderbouwd. 

Wat kunnen we van deze uitspraak leren? 

Er is een verschil tussen de bewijsstandaarden aantonen en aannemelijk maken. Volgens vaste rechtspraak is aannemelijk maken dat de overtreding heeft plaatsgevonden als bewijsstandaard voldoende bij het opleggen van een herstelsanctie. Bij een punitieve sanctie ligt de bewijsstandaard hoger, en moet het bestuursorgaan de overtreding aantonen. 

Meer informatie over deze zaak: ECLI:NL:RBMNE:2025:5038