Ga naar de inhoud

Appellant heeft zijn woning ter beschikking gesteld en nam daarmee bewust een risico

Laatst gewijzigd op: 15-01-2026

ABRvS 17 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6159

beeld van vrouwe justitia tegen een blauwe achtergrond

ABRvS 17 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6159

De burgemeester van Rotterdam heeft de woning van appellant voor zes maanden gesloten nadat bij een doorzoeking meer dan 67 kilo cocaïne, een vuurwapen met munitie, een geldtelmachine en ruim 1,4 miljoen euro contant geld zijn aangetroffen.

Appellant betoogt dat de sluiting niet noodzakelijk en niet evenwichtig was, omdat hij niet bij de drugs betrokken was, psychische problemen heeft en door de sluiting zijn woning en inkomen verloor. Appellant heeft enkel zijn woning eenmalig ter beschikking gesteld tijdens zijn reis.

De Afdeling volgt dit betoog niet. De burgemeester was bevoegd op grond van artikel 13b Opiumwet en mocht de woning zes maanden sluiten, mede omdat appellant als huurder verantwoordelijk is voor het gebruik van de woning en bewust een risico heeft genomen. Daarnaast heeft appellant op zitting gemeld dat hij inmiddels een nieuwe woning huurt. Het hoger beroep is ongegrond.