Last onder dwangsom mag wel softdrugsovertredingen omvatten, maar geen harddrugs
Laatst gewijzigd op: 13-08-2026Raad van State 24 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3677
Raad van State 24 juni 2026, ECLI:NL:RVS:2026:3677
De politie treft in de aanbouw van een koopwoning 2200 gram henneptoppen en een koolstoffilter met luchtslang aan. De burgemeester van Waadhoeke legt de eigenaar daarop een last onder dwangsom van 25.000 euro op met een looptijd van drie jaar. De last verplicht hem niet alleen nieuwe overtredingen met softdrugs te voorkomen, maar ziet ook op harddrugs en voorbereidingshandelingen voor zowel hard- als softdrugs.
De rechtbank oordeelt dat de burgemeester bevoegd was een last onder dwangsom op te leggen, maar dat de last te ruim is geformuleerd. In de woning waren immers alleen softdrugs en voorwerpen voor hennepteelt aangetroffen. De burgemeester betoogt in hoger beroep dat de last juist breed moet kunnen worden geformuleerd om nieuwe Opiumwetovertredingen effectief te voorkomen.
De Afdeling stelt voorop dat een last onder dwangsom een herstelsanctie is. De last mag daarom niet verder strekken dan nodig is om de geconstateerde overtreding te beëindigen of herhaling daarvan te voorkomen. De burgemeester mocht de last niet uitstrekken tot harddrugs, omdat daarvoor in deze woning geen aanknopingspunten bestonden. Dat zou verder gaan dan de overtreding waartegen werd opgetreden.
De rechtbank ging volgens de Afdeling echter te ver door ook voorbereidingshandelingen uit de last te schrappen. De 2.200 gram henneptoppen en het koolstoffilter met luchtslang hielden juist verband met grootschalige hennepteelt. De last mag daarom ook zien op voorbereidingshandelingen voor softdrugs.
De Afdeling formuleert de last opnieuw: deze mag toekomstige handelshoeveelheden softdrugs en voorbereidingshandelingen voor grootschalige softdrugsteelt bestrijken, maar niet harddrugs. Het hoger beroep van de burgemeester is in zoverre gegrond.