Ga naar de inhoud

Q&A leercirkel 2

Laatst gewijzigd op: 08-09-2026

Tiener met mes.

Een leerling met een wapen op school vraagt om snel en zorgvuldig handelen. Een goed veiligheidsbeleid helpt scholen om voorbereid te zijn. Denk aan een crisisplan, duidelijke protocollen, afspraken met de politie en goede nazorg voor leerlingen, ouders en medewerkers. Deze Q&A helpt scholen en partners om de eerste stappen helder te krijgen.

Volg het protocol of handelingskader van de school. Is er twijfel of onrust? Bel dan de politie voor advies via 0900-8844 of neem contact op met de vaste schoolcontactpersoon van de politie. Wacht niet tot het escaleert. Wapenbezit, wapenhandel en wapengebruik zijn onacceptabel en strafbaar. 

 

Bel altijd de politie via 0900-8844 of de vaste schoolcontactpersoon van de politie. Is er sprake van acute dreiging? Bel dan direct 112. Stem intern af wie het gesprek met de leerling voert, bijvoorbeeld met de veiligheidscoördinator of een lid van het crisisteam. 

 

Zet direct het crisisdraaiboek in werking en bel de politie. De situatie bepaalt welke inzet nodig is. Zorg dat duidelijk is wie beslissingen neemt, wie contact houdt met het bestuur en wie de communicatie verzorgt. Leg ook vast wie de eerste opvang en nazorg organiseert. 

 

Een school kan afspraken maken over controles, zoals een kluisjescontrole. Zorg dat deze afspraken vooraf duidelijk zijn vastgelegd in het schoolveiligheidsbeleid of protocol. Voer controles periodiek uit én bij signalen. Betrek waar nodig de politie voor advies. 

Zorg voor een heldere structuur. Denk aan een actueel schoolveiligheidsbeleid, een crisisplan, protocollen, een communicatieprotocol en een crisisteam met duidelijke taken en bevoegdheden. Spreek af wie wie belt en welke informatie gedeeld mag worden. Oefen ook regelmatig met calamiteiten. 

Bekijk de Oefeningen ‘Omgaan met een calamiteit op school’ – Stichting School & Veiligheid  

Een crisisdraaiboek bevat afspraken over het crisisteam, de rol van het bestuur, de eerste opvang, communicatie en nazorg. Neem ook een sociale kaart op met namen en mobiele nummers van interne medewerkers en externe ondersteuners. Zorg dat het draaiboek vindbaar, bekend en actueel is. 

Maak gebruik van het Crisishandboek: als-een-ramp-de-school-treft-januari20201.pdf 

 

Maak vooraf duidelijke afspraken over social media gebruik. Online beelden, berichten of geruchten kunnen een incident snel groter maken. Leg daarom vast wie online signalen volgt, wie communiceert en hoe de school reageert op berichten die rondgaan. 

Bekijk het Stappenplan: omgaan met online incidenten – Stichting School & Veiligheid 

Een veilige school begint niet bij een incident, maar bij de dagelijkse cultuur. Werk aan schoolverbondenheid, duidelijke regels, positieve relaties tussen leerlingen en medewerkers, pedagogisch vakmanschap en sterk leiderschap. Maak normen zichtbaar en spreek elkaar aan als afspraken niet worden nagekomen. 

Werk aan korte lijnen met partners zoals politie, gemeente, jongerenwerk, ouders en zorgpartners. Maak samenwerkingsafspraken in een convenant of signalenoverleg. Zo weet iedereen wat zijn rol is als er signalen zijn of als er een incident plaatsvindt. 

Nazorg is nodig voor het slachtoffer, de leerling die het wapen had of gebruikte, ouders, klasgenoten en medewerkers. Kijk ook naar kwetsbare leerlingen die eerder iets schokkends hebben meegemaakt. Bespreek of aangifte nodig is, wie dat doet en of herstelrecht passend kan zijn. 

Wapenbezit onder jongeren staat vaak niet op zichzelf. Er kan sprake zijn van groepsdruk, online spanningen, rivaliteit of een fluïde jeugdnetwerk. Een lokale netwerkaanpak helpt om zicht te krijgen op de groep, de onderlinge verhoudingen en online activiteiten. Combineer preventie, een persoonsgerichte aanpak en een sterke informatiepositie. 

Bij gemeentegrensoverschrijdende problemen is een regionale aanpak nodig. Gemeenten, politie, Openbaar Ministerie en het Zorg- en Veiligheidshuis kunnen samen werken aan een betere informatiepositie, het verbinden van lokale aanpakken en het bespreken van trends, knelpunten en hotspots. 

Werk integraal, ken het verhaal achter de jongeren en zet in op vroegsignalering. Neem ook het online domein serieus. Repressie is soms nodig, maar hoort het eindstation te zijn. Begin met preventie, signaleren en samenwerken.