Ga naar de inhoud

Voorbereidingshandelingen voldoende voor sluiting bedrijfspand zonder aangetroffen drugs

Laatst gewijzigd op: 11-08-2026

Raad van State 6 mei 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2599

beeld van vrouwe justitia tegen een blauwe achtergrond

Raad van State 6 mei 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2599

In een bedrijfspand treft de politie geen drugs of actieve hennepkwekerij aan, maar wel grote hoeveelheden hennepgerelateerde materialen. Volgens de burgemeester kan daarmee een kwekerij van ongeveer 220 planten worden ingericht. Een onderhuurder verklaart dat hij de spullen heeft aangeschaft met het idee een hennepkwekerij te beginnen. De burgemeester van Laarbeek sluit het pand voor zes maanden.

De appellanten betogen dat de burgemeester niet bevoegd was, omdat geen drugs of in werking zijnde hennepkwekerij zijn aangetroffen en de materialen legaal verkrijgbaar zijn. Daarnaast bestrijden zij dat er sprake is van recidive en stellen zij dat een sluiting van zes maanden disproportioneel is.

De Afdeling oordeelt dat ook voorbereidingshandelingen onder artikel 13b Opiumwet kunnen vallen wanneer ernstige redenen bestaat om te vermoeden dat de voorwerpen zijn bestemd voor grootschalige hennepteelt. De combinatie van aangetroffen goederen waren geschikt voor een grootschalige kwekerij. Dat de huurder stelt niet van de spullen te hebben geweten, doet aan de bevoegdheid niet af. Ook de duur van de sluiting is noodzakelijk en evenwichtig. Daarbij mocht de burgemeester de eerdere drugsovertreding in het bedrijfsverzamelgebouw, de ligging aan een doodlopende weg en de drugsproblematiek in het gebied betrekken.