Sluiting tuincentrum gerechtvaardigd bij voorbereidingshandelingen voor grootschalige hennepteelt
Laatst gewijzigd op: 11-08-2026Raad van State 20 mei 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2920
Raad van State 20 mei 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2920
Bij een controle van een tuincentrum treft de politie een grote hoeveelheid goederen aan die in combinatie geschikt zijn voor het op professionele en grootschalige wijze telen van hennep. Het gaat onder andere om materialen voor licht- en luchtdichte ruimtes, kweekbodems en meet- en regelapparatuur. De burgemeester van Den Haag sluit het bedrijfspand voor zes maanden.
De appellant betoogt dat de burgemeester niet bevoegd was, omdat de goederen ook voor gewone tuinbouw, hobbykweek of doe-het-zelfdoeleinden kunnen worden gebruikt. Daarnaast voert hij aan dat de sluiting onevenredige financiële gevolgen heeft gehad: zijn huur is opgezegd en zijn bedrijf is permanent gesloten.
De Afdeling oordeelt dat de burgemeester bevoegd was. Voorbereidingshandelingen vallen ook onder artikel 13b Opiumwet wanneer ernstige reden bestaat om te vermoeden dat de voorwerpen voor grootschalige hennepteelt zijn bestemd. De aard, hoeveelheid en combinatie van de aangetroffen goederen wijzen daarop. Daarbij mocht ook worden betrokken dat sommige bezoekers via de achterdeur kwamen en hun aankopen in vuilniszakken vervoerden. Dat een deel van de goederen op zichzelf ook legaal kan worden gebruikt, maakt dit niet anders.