Sluiting na vier maanden nog geschikt vanwege handelssignalen
Laatst gewijzigd op: 14-09-2026ABRvS 26 augustus 2026, ECLI:NL:RVS:2026:5014
ABRvS 26 augustus 2026, ECLI:NL:RVS:2026:5014
Tijdens een doorzoeking wordt bij de bewoner 35,23 gram amfetamine aangetroffen. In een bijbehorende schuur liggen daarnaast 2,56 gram amfetamine, twee weegschaaltjes, een grote hoeveelheid gripzakjes en een revolver met scherpe patronen. De burgemeester van Twenterand sluit de woning en bijbehorende schuren voor zes maanden.
De appellant betoogt dat hij niet strafrechtelijk wordt vervolgd voor drugshandel en dat de burgemeester daarom niet van handel mocht uitgaan. Ook stelt hij dat sluiting vier maanden na de vondst niet meer geschikt was en dat zes maanden sluiting niet noodzakelijk was.
De Afdeling volgt dit niet. Dat de appellant strafrechtelijk alleen voor bezit en niet voor handel wordt vervolgd, is niet beslissend: in het bestuursrecht geldt een andere bewijsmaatstaf. De aangetroffen hoeveelheid harddrugs overschrijdt de gebruikershoeveelheid ruimschoots en de weegschaaltjes, gripzakjes en het vuurwapen wijzen op drugshandel. Ook vier maanden na de doorzoeking was sluiting nog geschikt. Daarbij mocht de burgemeester de meldingen over drugshandel vanuit de woning en de aangetroffen handelsattributen betrekken. Dat de sluiting uiteindelijk een maand eerder is opgeheven nadat de verhuurder daarom had verzocht en de huurder de huur al had opgezegd, betekent niet dat de oorspronkelijke sluiting niet noodzakelijk was. Het hoger beroep is ongegrond.