Sluiting gerechtvaardigd ondanks kwetsbaarheid bewoner
Laatst gewijzigd op: 11-08-2026Raad van State 22 april 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2256
Raad van State 22 april 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2256
De politie treft in een woning 1596 gram hennep en hasj en een vuurwapen aan. Daarnaast zijn meldingen gedaan over drugshandel en heeft een persoon verklaard drugs in de woning te hebben gekocht. De burgemeester van Maastricht sluit de woning voor drie maanden. De politie heeft de aangetroffen hennep en hash niet getest, maar heeft vastgesteld dat deze qua uiterlijke kenmerken en geur volledig overeenkomen met de kenmerken van hennep en hash. Daarbij mag worden uitgegaan van de beroepsmatige ervaring van politie met hennep en hash.
De appellant betoogt dat de burgemeester niet bevoegd was, omdat de aangetroffen middelen niet zijn getest. Daarnaast betwist hij de noodzaak van de sluiting en voert hij aan dat deze onevenredig is vanwege zijn leeftijd van 73 jaar en zijn lichamelijke en psychische gezondheidsproblemen. Zijn woning is vanwege lichamelijke beperkingen aangepast en hij stelt psychisch kwetsbaar te zijn.
De Afdeling volgt de appellant niet en sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank dat de burgemeester bevoegd is en dat de sluiting noodzakelijk en evenwichtig is. De burgemeester heeft de psychische gevolgen van de sluiting voldoende onderzocht. Daarbij is overleg gevoerd met verschillende betrokken professionals. De appellant heeft niet onderbouwd dat hij vanwege zijn situatie niet in staat was hulp te zoeken of vervangende woonruimte te vinden. Ook heeft de burgemeester hem hulp aangeboden bij het vinden van vervangende woonruimte, maar deze heeft appellant aanvankelijk geweigerd. Op de zitting blijkt dat appellant na de sluiting van de woning hulp heeft geaccepteerd en dat dit ertoe heeft geleid dat hij momenteel onderdak heeft.