Herhaalde voorbereidingshandelingen rechtvaardigen sluiting winkelpand
Laatst gewijzigd op: 19-10-2026Raad van State 14 oktober 2026, ECLI:NL:RVS:2026:6066
Raad van State 14 oktober 2026, ECLI:NL:RVS:2026:6066
In een winkelpand in Breda worden bij een nacontrole opnieuw grote hoeveelheden goederen aangetroffen die geschikt zijn voor professionele hennepteelt, waaronder verwarmingen, ventilatoren, afzuigbuizen, assimilatielampen en stroomkabels. Hetzelfde pand was in 2021 al zes maanden gesloten wegens voorbereidingshandelingen. De burgemeester sluit het pand nu voor twaalf maanden.
De rechtbank vernietigt het eerste besluit onder meer, omdat:
- de noodzaak van sluiting onvoldoende is gemotiveerd;
- twaalf maanden niet uit het beleid zou volgen;
- de verwijtbaarheid van de eigenaar onvoldoende was gemotiveerd;
- er geen rekening was gehouden met de belangen van een inmiddels aanwezige nieuwe huurder.
De burgemeester gaat daartegen in hoger beroep.
De Afdeling geeft de burgemeester op vrijwel alle inhoudelijke punten gelijk. De grote hoeveelheden kweekmaterialen, negen van de elf professionaliteitsindicatoren, verborgen opslagplaatsen en de eerdere sluiting maken dat er sprake is van een ernstige en herhaalde overtreding. De aanwezigheid van een nieuwe huurder neemt de noodzaak van sluiting niet zonder meer weg. Ook mocht volgens het gemeentelijke beleid in dit bijzondere geval een langere sluiting dan de gebruikelijke zes maanden worden opgelegd. Twaalf maanden was gezien de recidive voldoende gemotiveerd. Daarnaast treft de eigenaar een verwijt. Na eerdere waarschuwingen en de sluiting in 2021 had hij intensief toezicht moeten houden op het gebruik van zijn pand. Toch bleef hij aan dezelfde onderneming verhuren en heeft hij onvoldoende concreet gemaakt welke controles hij verrichtte. De Afdeling bevestigt bovendien dat een sluiting van twaalf maanden in deze omstandigheden geen criminal charge is.