Ga naar de inhoud

Sluiting van twaalf maanden leidt tot onevenredige gevolgen voor de betrokkenen

beeld van vrouwe justitia tegen een blauwe achtergrond

ABRvS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:335

Na de conclusie van de staatsraden advocaat-generaal Widdershoven en Wattel, doet de Afdeling uitspraak in de zaak die zich afspeelt in de gemeente Waadhoeke. In deze zaak gaat het om de sluiting van een oude melkfabriek voor twaalf maanden vanwege een drugsvondst. In beroep heeft de rechtbank beslist dat de gekozen duur van twaalf maanden niet evenredig is. De Afdeling oordeelt in hoger beroep dat de burgemeester onvoldoende heeft gemotiveerd welk verwijt de betrokkenen kan worden gemaakt. Daarnaast heeft de burgemeester onvoldoende betrokken dat de melkfabriek werd bewoond, dat daarin drie bedrijven werden uitgeoefend en dat tevens publieke activiteiten werden georganiseerd in de melkfabriek. De Afdeling volgt de burgemeester niet in zijn betoog dat de beoogde doelen niet zouden kunnen worden bereikt met een kortere sluitingsduur dan twaalf maanden. Met de rechtbank is de Afdeling van oordeel dat een sluiting voor de duur van zes maanden passender is.