Product toegevoegd aan winkelmand
 

Vastgoedcriminaliteit


Gemeenten

Gemeenten kunnen in aanraking komen met vastgoedcriminaliteit bij:

  • het vergeven van vergunningen (zoals horeca-, gebieds-, hotel- en bouwvergunning)
  • controles (bijvoorbeeld door de afdeling wonen, wanneer er gecontroleerd wordt op woningsplitsen)
  • de aankoop, verkoop en het gebruik van gemeentelijke panden
  • de uitgifte van erfpacht
  • incidenten en meldingen (van inwoners, maar ook van andere organisaties)

Voor gemeenten zijn de gevolgen van vastgoedcriminaliteit groot. Als panden eenmaal worden misbruikt voor criminele doeleinden, zoals witwassen, hennepteelt, cocaïnewasserijen, de opslag van illegale goederen en mensenhandel, kan dit tot onveilige situaties of overlast op straat leiden. Daarnaast krijgen criminelen grip op de vastgoedmarkt en raakt ondermijning geworteld in de gemeente. Er ontstaat ook een risico op corruptie, omdat criminelen gebruik willen maken van de diensten van de medewerkers van de gemeenten. Daarnaast kan het leiden tot een eenzijdig winkelaanbod, waarbij bonafide ondernemers uit de markt worden gedrukt. En als woningen worden misbruikt, heeft dat een negatief effect op het aantal beschikbare woningen in de gemeente.

Rol

Gemeenten moeten zorgen voor een veilige omgeving voor hun inwoners en ondernemers. Daarom is het belangrijk dat zij vastgoedcriminaliteit zoveel mogelijk voorkomen en tegengaan.

Maatregelen

Gemeenten kunnen de volgende maatregelen nemen: 

Bewustwording en voorlichting

  • Gemeenten kunnen waarschuwen en verhuurders, vastgoedeigenaren, betrokken partijen en ondernemers preventief wijzen op de gevaren van crimineel gebruik van panden en maatregelen die genomen kunnen worden (in de vorm van bijvoorbeeld bijeenkomsten, bewustwordingstrainingen en folders). Kwetsbare ondernemers (in buitengebieden) worden als relevante doelgroep beschouwd.
  • Gemeenten kunnen een overleg met woningcorporaties organiseren waarbij op beleidsniveau zaken kunnen worden gesignaleerd. Het gaat dan onder andere om het uitspreken van behoeftes en het versterken van de mogelijkheden tot het doen van meldingen en bewustwordingstrajecten. Gemeenten en woningcorporaties kunnen met elkaar in gesprek gaan (delen van kennis, ervaring en goede voorbeelden), een basis leggen en afspraken maken over wat eenieder vanuit de eigen rol kan bijdragen aan de vraagstukken.
  • Gemeenten kunnen de meldingsbereidheid vergroten door bewoners voor te lichten en sociale controle te stimuleren.
  • Gemeenten kunnen aandacht aan het onderwerp besteden; bijvoorbeeld door het voorkomen van criminele verhuur te agenderen bij woningcorporaties of vastgoedbedrijven.
  • Gemeenten kunnen weerbaarheidstrainingen geven aan ondernemers om hen ervoor te behoeden in zee te gaan met criminelen.
  • Gemeenten kunnen verschillende instanties, zoals KHN, MKB en poortwachters informeren en waarschuwen.

Barrières opwerpen

Gemeenten kunnen barrières opwerpen tegen het verkrijgen of gebruiken van vastgoed door malafide personen of organisaties.

  • Gemeenten kunnen sectoren, bedrijven of gebieden vergunningplichtig maken.
  • Gemeenten kunnen gebruikmaken van Bibob-toetsing bij vergunningverlening als gevolg van vergunningplicht. Enkel het benoemen van het uitvoeren van een Bibob-toets heeft al een preventief effect.
  • Gemeenten kunnen met behulp van de Beleidsregel Integriteit Overeenkomsten de integriteit van personen of bedrijven waar zij een overeenkomst mee sluiten (zoals de verkoop of verhuur van panden) toetsen.
  • Als bestaand vastgoed zo bijzonder is, kan de gemeente aanvullende voorwaarden stellen om hiervan gebruik te mogen maken (Van Traa-bepalingen).
  • Gemeenten kunnen invloed uitoefenen op de bestemming van een pand, zoals opstellen van bestemmingsplan, herbestemming vinden voor leegstaande panden en leegstand voorkomen.
  • Gemeenten kunnen het initiatief nemen voor een Keurmerk Veilig Buitengebied.
  • Gemeenten kunnen samen met de Landelijke Aanpak Adreskwaliteit de kwaliteit van de adresgegevens in de BRP verhogen en waarborgen.
  • Gemeenten hebben de mogelijkheid om geen nieuwe bewoners in te schrijven bij (bijna) gesloten panden door artikel 13b Opiumwet.
  • Gemeenten kunnen vergunningen intrekken.

Controle, toezicht en bestuurlijke interventies

  • Signaleren op basis van binnengekomen meldingen of brancheonderzoek.
  • Signaleren door toezichthouders en inspecteurs.
  • Toezicht houden op het gebruik van panden en hierop controleren.
    • Bedrijfspanden: controle op exploitatievergunning, aanwezigheid leidinggevende, brandveiligheid, bouwvergunning bij verbouwingen voor ondernemingen.
    • Woningen: controle op woonfraude, leegstand en spookbewoning; eventueel onder de titel van bijvoorbeeld brandveiligheid, bij voorkeur met behulp van gezamenlijk overheidsoptreden
  • Multidisciplinaire controle met partners door Ondermijningsbrigade.
  • Panden bij verbouwingen controleren (VTH).
  • Panden bij gebruik van horeca controleren (VTH).
  • Vergunningen handhaven.
  • Vergunningen intrekken.
  • Buiten behandeling stellen van vergunningsaanvragen.
  • Verdachte vastgoedtransacties in gebieden die kwetsbaar zijn voor ondermijning checken.
  • BRP-inschrijvingen controleren.
  • Het Digitaal Opkopers Register controleren.
  • Schriftelijke waarschuwing geven.
  • Boete opleggen bij onjuist gebruik van bestemmingsplan/onttrekking van de woning aan de woningvoorraad.
  • Last onder dwangsom op grond van Huisvestingswet opleggen.
  • Pand sluiten.
  • Stopgesprekken voeren met vastgoedeigenaren of ondernemers.
  • Gebied aanwijzen als overlastgebied.
  • Algemeen verblijfsverbod instellen.
  • Cameratoezicht invoeren.
  • Levensgedragstoets.

© Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid