Product toegevoegd aan winkelmand
 

Prostitutiebeleid

Mensenhandel in de Amsterdamse raamprostitutie

Deze analyse van twaalf opsporingsonderzoeken rond de Amsterdamse raamprostitutie maakt duidelijk dat het opheffen van het bordeelverbod in 2000 geen einde heeft gemaakt aan het verschijnsel mensenhandel.

Probleemstelling

Wat is de aard van mensenhandel en hoe wordt mensenhandel opgespoord in het postcodegebied 1012?

Beschrijving

Het onderzoek is gebaseerd op de strafdossiers van twaalf opsporingsonderzoeken naar mensenhandel in het Amsterdamse Wallengebied in de periode 2006-2010. In de twaalf bestudeerde politiedossiers komen 70 pooiers naar voren (62 mannen en 8 vrouwen) en 76 slachtoffers (allen vrouw en werkzaam in de raamprostitutie).

In het onderzoek komen achtereenvolgens aan bod:

  • De complexe relatie tussen pooiers en prostituees.
  • Case studie: het opsporingsonderzoek in de steeg.
  • De opsporing van mensenhandel.
  • Opsporingskeuzes in vier dimensies.
  • Samenvatting, conclusies en slotbeschouwing.

Conclusies

De strafrechtelijke opsporing van mensenhandel wordt bemoeilijkt door de complexe relaties tussen pooiers en prostituees. Deze relaties kunnen worden onderverdeeld in drie typen: liefdesrelaties, afpersingsrelaties en zakelijke relaties. In die relaties lopen liefde, afhankelijkheid, loyaliteit, geld, intimidatie, bedreigingen, geweld en seks door elkaar heen.

Er is niet altijd sprake van bruut fysiek geweld waar strafrechtelijk bewijs voor gevonden kan worden. Soms is er vooral sprake van intimidatie en psychologische druk, wat de bewijsvoering moeilijker maakt. De complexe verhouding tussen pooiers en prostituees loopt vaak nog door nadat arrestaties zijn verricht. Dat maakt het horen van slachtoffers en getuigen ingewikkeld.

Auteur

M.A. Verhoeven, B. van Gestel en D. de Jong

ISBN

978-908974-545-3

Organisatie

Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Links