Product toegevoegd aan winkelmand
 

Integraal veiligheidsbeleid


Veiligheidsuitdagingen in de verticale stad

Tot enige tijd geleden was hoogbouw vaak voorbehouden aan buitenlandse steden. Maar nu zal zelfs Utrecht, een stad die bekend staat om het aantal grondgebonden woningen, de komende jaren steeds vaker kiezen voor bouwen in de lucht. Deze verticale steden brengt een aantal veiligheidsuitdagingen met zich mee. Zo betekent hoogbouw een grotere kans op anonimiteit. Mensen voelen zich tussen hoogbouw veelal onveiliger. Het sociale toezicht is een stuk minder. Op deze uitdagingen moeten we als professionals gezamenlijk een antwoord vinden.

Anonimiteit

Hoogbouw betekent een grotere kans op anonimiteit. Bewoners voelen zich verbonden met hun appartement, mogelijk een aantal buren, maar een stuk minder met wat zich ver beneden op de begane grond afspeelt.

Vanuit het gedachtengoed van Crime Prevention Through Environmental Design (CPTED) probeert men al sinds de jaren zestig mensen in de binnensteden uit de anonimiteit te halen. Jane Jacobs, voorvechtster van leefbare Amerikaanse steden en publiciste, hield in die tijd al een warm pleidooi om de stad een plek te laten zijn met ruimte om elkaar te ontmoeten.

Crimineel heeft voorkeur voor hoogbouw

Voelen criminelen zich prettiger in de hoogbouw? Tijdens een uitzending van Radio Rijnmond op 23 augustus 2019 zegt politieman Hans Hoekman hierover het volgende: "Criminelen wonen het liefst op een adres waar ze bijvoorbeeld wapens, drugs en zwart geld kunnen bewaren. Het liefst blijven ze daar natuurlijk ook uit het zicht. Ze huren daarom vaak woningen in woontorens, want daar vallen ze niet zo op."

Binnen de Veiligheidseffectrapportage (VER) en het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW), maar ook het Keurmerk voor Ondernemers (KVO) speelt het voorkomen van anonimiteit een grote rol. Door het ontwerp van het gebouw, effectief cameratoezicht, maar ook door bezoekers welkom te laten heten door zogenoemde gastheren en -dames van bijvoorbeeld het winkelcentrum. Bevorderen van sociale cohesie is als aanvulling op een goed ontworpen gebouw minstens zo belangrijk.

Plintmanagement

Hoogbouw kan iets intimiderends hebben. Met name in de avonduren geeft het mensen soms een onveilig gevoel, zo omringd door stenen en beton. Daarom moet er speciale aandacht zijn voor veilig en prettig thuiskomen. Van belang daarbij is het gedeelte dat wel zichtbaar is vanaf het niveau van de straat. We noemen dit de plint van het gebouw.

Nu zou het prachtig zijn als we in alle hoogbouw mooie winkels, art galeries, en eetgelegenheden in de plint konden bouwen, maar dat is niet realistisch. Er is simpelweg meer behoefte aan woningen in de hoogbouw dan aan aan de andere faciliteiten.

Toch kun je er na grondig marktonderzoek wel voor zorgen dat er een plint komt die prettig oogt en bijdraagt aan de veiligheidsbeleving. Dit kan door plinten enkel als etalages in te richten zonder daadwerkelijk winkelaanbod erachter. Of door de vormgeving van het gebouw zelf.

Verlies van sociaal toezicht

Hoewel veel bewoners van appartementen dagelijks genieten van hun uitzicht, is het maar de vraag of zij hun blik zo af en toe eens op straat richten. In hoeverre voelen criminelen, vandalen of overlastgevers dat zij bekeken worden? Door hoogbouw verlies je een bepaalde mate van sociaal toezicht.

Hoogbouw vraagt daarom om een ander model van toezicht op straatniveau. Denk aan intelligente verlichtingsoplossingen en cameratoezicht. Of aan uitzicht vanuit (grondgebonden) faciliteiten die in de avond wel geopend zijn, zoals sportscholen, horeca en andere uitgaansgelegenheden.

Een goed vestigingsbeleid van dergelijke faciliteiten kan bijdragen aan de levendigheid op plekken in de stad waar het anders stil en verlaten is. Zo hebben we al goede voorbeelden gezien en dragen VER-adviseurs actief bij om er nog meer goede voorbeelden bij te krijgen.

Meer weten?

Wil je meer informatie over CPTED of de VER, neem dan contact op met CCV-adviseur Lilian Tieman: lilian.tieman@hetccv.nl.

Auteurs en VER-adviseurs

Lilian Tieman

Tobias Woldendorp RCE

© Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid