Product toegevoegd aan winkelmand
 

Georganiseerde criminaliteit en ondermijning

Onderzoek ‘Kennis op straat’

In hoeverre wordt ondermijnende criminaliteit door de politie, en in het bijzonder de wijkagent, op lokaal niveau gesignaleerd?  Bureau Beke onderzocht dit in opdracht van de Landelijke Portefeuille Gebiedsgebonden Politie (GGP). Er werden gesprekken gevoerd met ruim 100 politiefunctionarissen verspreid over het land. ‘Kennis op straat’ is een verslag van de bevindingen over welke signalen van ondermijnende criminaliteit door wijkagenten worden gezien, hoe en naar wie zij dit communiceren en wat er vervolgens gebeurt met die informatie.

Conclusie

De algemene conclusie uit de interviews is dat de wijkagenten zich in de basis niet voldoende voelen toegerust met kennis over wat ondermijning inhoudt, hoe ondermijnende criminaliteit gesignaleerd kan worden en welke stappen daarop kunnen en moeten volgen. Het gebrek aan gefundeerde kennis staat echter het signaleren van ondermijnende criminaliteit niet helemaal in de weg. In de praktijk vertrouwen wijkagenten op hun instinct, onderbuikgevoelens dan wel vakmanschap. Het gebrek aan kennis kan echter wel veroorzaken dat wat men signaleert persoonsafhankelijk is en dat er signalen worden gemist.

Aanbevelingen

In het onderzoek worden 5 verbeterpunten/conclusies genoemd:

  • De informatiepositie van wijkagenten bij ondermijnende criminaliteit kan versterkt worden door hen beter toe te rusten met kennis en kunde, zowel in de basis als on the job via horizontaal en innovatief leren.
  • Signaleren van ondermijnende criminaliteit gebeurt niet systematisch vanwege beperkte kennis en kunde, het ontbreken van werkopdrachten en bescheiden verwachtingen van de opvolging van signalen worden gevoed door het gemis aan terugkoppeling door de opsporing.
  • Signalen van ondermijnende criminaliteit blijven vaak ‘steken’ op de basisteams vanwege het gebrek aan synergie tussen ‘blauw’ en ‘grijs’ en omdat de opsporing wordt geregeerd door incidentgericht werken.
  • Door het sterker verankeren van de opsporing in de basisteams kan een deel van de ondermijningszaken lokaal worden gedraaid. Succesvolle aanpakken waarin al dan niet met de opsporing en externe veiligheidspartners wordt samengewerkt, zijn er en verdienen navolging.
  • Een grondige aanpak van ondermijning vraagt om een gezamenlijke operationele en concrete opdracht waarin de basisteams, de informatieorganisatie en de opsporing samenwerken met externe veiligheidspartners.

Organisatie

  • Politie Nederland, in opdracht van de portefeuillehouder Gebiedsgebonden Politie, januari 2021

Downloaden