Product toegevoegd aan winkelmand
 

Gedrag en samenleving


stappenplan
 

Stap 1: Voorbereiding

Informatie verzamelen

  • Verdiep je in de organisatie
    Verzamel alle relevante informatie die beschikbaar is uit openbare bronnen enhet archief van je organisatie. Bevraag ook collega’s die met deze organisatie te maken hebben gehad.
     
  • Verdiep je in je gesprekspartner
    Kun je als toezichthouder invloed uitoefenen op wie je te spreken krijgt? Bepaal dan wie je gesprekspartner wordt (welk niveau, welke rol (formeel en informeel). Verzamel alle relevante informatie die beschikbaar is over je gesprekpartner. Leef je goed in zijn/haar rol en situatie in.
     
  • Bepaal wat je wilt bespreken (waarom wil jij op dit moment, met deze organisatie en deze persoon in gesprek?)
    Vaak heb je al een idee waar de oorzaak van het probleem/incident zou kunnen liggen. Formuleer dit vooraf goed voor jezelf. Niet alle onderwerpen moeten per sé worden bevraagd/besproken. Maak vooraf een goede afweging welke onderwerpen in deze fase goed zijn om te bespreken en bij welke onderwerpen je de meeste kans hebt op een (positieve) connectie met je gesprekspartner. Probeer de vragen zo goed mogelijk op de situatie af te stemmen en oefen het gesprek vooraf met een collega.

Houding tijdens het gesprek

  • Houd rekening met weerstand
    Het bespreken van de organisatiecultuur is in de meeste gevallen een gevoelig onderwerp. Wees er dan ook op voorbereid dat je gesprekspartner weerstand vertoont. Dat is een natuurlijke reactie, zeker als hij/zij betrokken is bij de organisatie. Besteed voldoende aandacht aan de introductie van het gesprek om zoveel mogelijk weerstand weg te nemen en bereid voor hoe je met verschillende vormen van weerstand tijdens het gesprek kunt omgaan. Ook zul je mogelijk niet meteen het vertrouwen van je gesprekspartner winnen, daar zijn soms wel een paar gesprekken voor nodig.
     
  • Zorg voor een open lichaamshouding en geef ruimte
    Een open lichaamshouding en een gesprek waarin ruimte is om na te denken, geven een beter resultaat. Laat bewust ook stiltes vallen. Geef je gesprekspartner de tijd om zijn/haar zinnen te formuleren over dit onderwerp, dat nu eenmaal een ander onderwerp is dan waar men gewend is over te praten.
     
  • Zorg voor een open mind
    Niemand is perfect op deze aardbol. Ook jij als externe toezichthouder niet. Dit uitgangspunt helpt om een open sfeer te creëren waarin je zelf ook goed benaderbaar bent.Vermijd situaties waarbij je op zoek gaat naar bevestiging van jouw eigen aannames. Je beperkt daarmee je mogelijkheden om signalen op te vangen die relevant zijn om een goed beeld van de situatie te krijgen. Mogelijk ligt de echte oorzaak van een incident ook op een ander niveau dan je nu vermoedt. Onderzoek je eigen aannames goed, formuleer ze vooraf scherp en ‘leg ze dan weg’.

© Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid