Product toegevoegd aan winkelmand

Cameratoezicht


Afwegingskwadrant

In het afwegingskwadrant plaats je de ingeschatte (of bij een evaluatie: geconstateerde) bijdragen aan de objectieve en de subjectieve veiligheid in de daarvoor bestemde kwadranten. Dit helpt om de te verwachten effecten inzichtelijk te maken. Ook krijg je aanbevelingen op welke aspecten het accent kan liggen.

Objectief en subjectief beide positief

Als er positieve effecten op de objectieve én op de subjectieve veiligheid aanwezig (of te verwachten) zijn, ligt een eerste conclusie voor de hand: de invoering of continuering kan – behoudens de nog volgende wettelijke criteria – doorgang vinden.

Objectief en subjectief beide negatief

Het tegenoverliggende kwadrant levert een vergelijkbaar helder beeld op: als de effecten op de objectieve én de subjectieve veiligheid beperkt (of zelfs afwezig) zijn, is er geen reden om cameratoezicht in te voeren of te continueren. Deze laatste conclusie vergt wel uitleg en – wellicht ook politieke – overtuigingskracht, maar de argumenten daarvoor zijn al in dit kwadrant opgenomen.

De kwadranten die nadere beschouwing behoeven, zijn die waarin 1 van beide voordelen aanwezig is, maar het andere niet. Beide hebben hun eigen dynamiek. 

Objectief is het positief, maar subjectief niet

Als cameratoezicht wordt beschouwd als positief voor de objectieve veiligheid, maar niet specifiek voor de subjectieve veiligheid, is het verstandig deze vorm van toezicht in te bedden in een beter zichtbaar pakket van maatregelen en voorlichting. Daarmee toon je aan het publiek dat de veiligheid is gediend met cameratoezicht.

Je kunt denken aan het bekendmaken van preventie- en opsporingsresultaten, lokale borden dat cameratoezicht wordt ingezet en andere gerichte voorlichtingsactiviteiten. Daarnaast is het van belang de objectieve resultaten te maximaliseren, bijvoorbeeld door extra inspanningen te leveren en de effecten ook werkelijk te verzilveren.

Objectief is het niet positief, maar subjectief wel

In deze situatie ligt het gevaar op de loer dat men zich veilig voelt, maar daarin teleurgesteld wordt omdat bij incidenten of dreiging, de aanwezigheid van camera’s niet blijkt te helpen.

Als toch wordt gekozen voor cameratoezicht, kan dat in dit geval het beste worden ingebed in een pakket van andere maatregelen, waarvan al aangetoond is dat die wel effectief zijn. De effectiviteit van de andere maatregelen moet als het ware de ineffectiviteit van cameratoezicht maskeren.

Cameratoezicht dient hier slechts het veiligheidsgevoel van de burger. Het afbreukrisico dat een louter subjectief oordeel met zich meebrengt, is vrij groot en moet je zorgvuldig in kaart brengen.