Product toegevoegd aan winkelmand

Brandveiligheid

Zorgorganisatie Severinus

Hoe pak je de brandpreventie aan in een zorgorganisatie met 550 cliënten met een verstandelijke beperking? Bij zorgorganisatie Severinus stellen ze hoge eisen aan de brandwerendheid van materialen en aan de onderhoudsbedrijven voor brandbeveiligingsvoorzieningen. Die moeten volgens Rinus van der Pol, intern veiligheidsadviseur, allen zijn gecertificeerd.

In 2015 kreeg zorgorganisatie Severinus in Veldhoven te maken met drie branden. Dit stemde tot nadenken, vooral omdat twee ervan werden veroorzaakt door de cliënten. Eén ding hebben deze 550 clienten gemeen: als er brand ontstaat, zijn ze niet zelfredzaam. Of zoals Van de Pol het formuleert: "Wij mogen er nooit vanuit gaan dat ze bij een incident in staat zijn om zelfstandig het pand te verlaten."

Inventariseren

Logisch dus dat de organisatie voortdurend maatregelen neemt om de veiligheid te vergroten. Van de Pol beseft dat zulke incidenten niet voor 100 % zijn te voorkomen. Daarom schroefde Severinus het veiligheidsniveau op tot boven het wettelijk minimum. "Het Bouwbesluit 2013 stelt met name eisen aan de brandwerendheid van gordijnen en vloerbedekking, want daarbij gaat het om grote oppervlakten. Wij vinden dat niet genoeg: bij ons gelden dezelfde regels ook voor dekbedden en matrassen."

Certificering

Een hoog veiligheidsniveau betekent ook een goed onderhoud van de brandveiligheidsvoorzieningen. Severinus stelt hoge eisen aan bedrijven die dat onderhoud uitvoeren. Die moeten onder andere voor die werkzaamheden zijn gecertificeerd. "Onze organisatie heeft verstand van zorg", zegt Van de Pol. "En niet van blusmiddelen. We willen er absoluut zeker van zijn dat zo’n onderhoudsbedrijf voldoende kennis in huis heeft. Vergelijk het met een sollicitatiegesprek. De ene kandidaat kan een uur lang roepen dat hij de kennis en vaardigheden heeft verworven, maar de volgende beschikt óók over relevante diploma's. Welke neem je dan aan?"

Bovendien ziet Van de Pol in de praktijk dat niet-gecertificeerde of niet-VCA-plichtige bedrijven zich minder bewust zijn van hun verplichtingen. "Wij kennen een voorval met een glazenwassersbedrijf, waarbij een medewerker van zijn ladder is gevallen. De oorzaak: de werkgever zag er niet op toe dat de wettelijke bepalingen werden nageleefd. Bij een gecertificeerd bedrijf zitten die NEN normen en die VCA-regels er bij iedereen ingeramd."

Vast contactpersoon

Certificering is niet het enige criterium. Bij de keuze van een onderhoudsbedrijf hecht Van de Pol ook veel waarde aan de relatie met een vast contactpersoon. "Onze situatie, met onze cliënten, vereist een speciale aanpak. Stel je voor dat het brandmeldsysteem een storing vertoont en dat het brandmeldonderhoudsbedrijf dit niet onmiddellijk kan repareren. Dan moet niet alleen onze BHV-organisatie daarvan op de hoogte worden gesteld, maar ook de meldkamer van de brandweer, want daar staat onze brandmeldinstallatie naar doorgeschakeld. Een vaste contactpersoon weet dat. Die kan ons op dit punt ontzorgen."

Ontzorgen

Er is nog een partij die daaraan meewerkt: de inspectie-instelling die controleert op het Bouwbesluit. Inspecties zijn redelijk frequent bij Severinus: op jaarbasis gaat het om zo’n tien controles, verspreid over zestig locaties. Voor andere werkgevers vormt dat wellicht een bron van stress, maar Severinus is er blij mee. Sterker nog: de organisatie wil niet zonder.

"We hadden mee kunnen doen met het brandweerproject 'Geen nood bij brand'", vertelt Van de Pol. "Daarbij laat de brandweer het controleren van de brandveiligheid onder voorwaarden over aan de zorgorganisaties zelf. Maar wij willen dat niet. De inspecteurs kennen de recente wetgeving en kunnen ons vertellen hoe we ons daaraan moeten houden. Dat houdt ons scherp."